• Heidepol

Maaibeheer op Heidepol

Al vanaf de begindagen in 2012 zijn we bezig onze velden te ontwikkelen naar gebieden met meer plantensoorten. Om dat te bereiken verschralen we de velden, we maken de velden ‘voedselarm’. Want in tegenstelling tot wat je misschien verwacht, komen in voedselarmere gebieden méér plantensoorten voor dan in voedselrijke gebieden. Daardoor krijgen allerlei soorten planten op een voedselrijke grond nauwelijks de kans om te groeien. Brandnetels, bepaalde grassen en braam groeien zo snel dat de andere soorten het onderspit delven. Als je de grond verschraalt, krijgen bijvoorbeeld het zandblauwtje en het muizenoortje meer kans om zich te ontwikkelen.

In 2012 startten we een natuurbegraafplaats op Heidepol en werd het een natuurgebied. Maar voor die tijd was het landbouwgrond en verbouwde de eigenaar mais, bieten en aardappelen op de velden. Op landbouwgrond wordt meestal intensief bemest, ook hier op Heidepol. En dat zorgde voor een een heel voedselrijke grond en dus een beperkte biodiversiteit. Eén van de belangrijkste doelen die wij met ons natuurbeheer hebben is het realiseren van meer en betere natuur in Nederland.

Het maaisel dat tijdens het maaien vrijkomt, voeren we af. Zo verdwijnen de voedingstoffen die in het gras zitten, waardoor de grond verschraalt. Sinds we zijn begonnen met dit maaibeheer, is goed te zien dat er steeds meer plantensoorten op de velden voorkomen, soorten die vooral in schralere gebieden voorkomen. Nu onze biodiversiteit flink is toegenomen, passen we onze manier van maaien hier ook op aan. In de eerste jaren maaiden we grote gedeelten van onze velden in één keer. En op de voedselrijkste plekken maaiden we wel drie of vier keer per jaar.

Tegenwoordig maaien we steeds minder en beperken we het maaien tot specifieke plekken. Dit voorjaar is bijvoorbeeld goed te zien dat we alleen her en der wat kleine stukjes maaien en afvoeren. Zo geven we planten de kans om te groeien en bloeien. Eerst bekijken we per plek welke soorten er groeien, daarna maken we de keuze of we deze plantensoorten willen behouden. Is dat zo, dan wachten we met maaien en krijgen deze plantensoorten de kans om zaden te vormen. En zien we een stuk grond met veel ongewenste soorten, dan maaien we wél eerder. Zo krijgen andere soorten juist een kans om op die plek te groeien.

Een extra voordeel van dit nieuwe maaibeleid is extra beschutting en voedsel voor kleine dieren, zoals insecten en reptielen. Doordat we kleine stukken maaien, kunnen zij ook een plekje vinden dat we pas later maaien. En ja, een bijkomend voordeel is toch wel dat een niet gemaaid veld er veel mooier uitziet, met de bloemen in bloei en de grashalmen die wuiven in de wind.