Heidepol

Natuurontwikkeling op Heidepol

31 augustus 2018

Je kunt het je nu bijna niet meer voorstellen, maar voordat natuurbegraafplaats Heidepol ruim 6 jaar geleden opende was het gebied nog een afgesloten terrein met een woonhuis, landbouwakkers en productiebos zonder ondergroei. Maar we hebben een droom van een mooi open natuurgebied met heidevelden, schrale graslanden en een natuurlijk bos aansluitend bij de natuur van de Veluwe. Een plek waar mensen zich thuis kunnen voelen, van de natuur kunnen genieten en waar mensen te midden van die natuur een eeuwig durende laatste rustplaats kunnen vinden

En zo zijn we aan de slag gegaan. Eerst met het verwijderen van de hekken, het inzaaien van natuurlijke grassen en kruiden op de akkers, verwijderen van de bovenste laag bemestte grond op andere gedeelten zodat daar op de schrale grond de heide weer zou kunnen gaan groeien. In het bos is een deel van de naaldbomen gekapt die hier niet van nature voortkomen, zodat inheemse soorten weer de ruimte en het licht krijgen om zich te ontwikkelen. Maar het werk is nog lang niet gedaan. Nog iedere dag zijn we aan het werk om onze droom te realiseren. Vanuit de natuurvisie en het beheerplan houden we in de gaten of de natuur zich goed ontwikkeld. Stapje voor stapje blijven we werken aan onze droom.

Natuurbeheerder Jeroen vertelt: “Ook dit jaar zijn we weer aan de slag in het bos. Er staan nog relatief veel Amerikaanse eiken en naaldbossen met één soort, waar we toe willen naar een gevarieerd bos met verschillende inheemse soorten. Niet omdat we dat mooi vinden, maar omdat je ziet dat het goed is voor de natuur. Een van de belangrijkste graadmeters van de gezondheid van de natuur is de biodiversiteit. Waar er op en rondom een Amerikaanse eik 30 verschillende soorten leven, zijn dat er bij een inlandse eik wel 300!

En het gaat goed met de natuur op Heidepol. Zo zijn bijvoorbeeld de brede wespenorchis en de putter teruggekeerd. In de afgelopen jaren is de biodiversiteit met 236% toegenomen. Doordat bomen, struiken en planten zich ontwikkelen komen er meer insecten en zien we meer vogels: er is meer voedsel en er zijn meer mogelijkheden voor een nest. Bloeiende planten zijn terug gekomen zodat insecten als bijen en hommels hier weer voedsel kunnen vinden. Op de velden blijven in de winter kruidachtige randen staan zodat kleine dieren en insecten een schuilplaats voor de winter hebben. En doordat we zorgen dat er dood hout in het bos blijft liggen waar veel insecten op afkomen, komen er weer volop spechten voor. De graslanden en de zanderige heidevelden bieden door hun openheid een ideaal leefgebied voor zonliefhebbers als de zandhagedis die zien we dan ook regelmatig. Ook zien we dat doordat de velden ieder jaar gemaaid worden en het maaisel daarna wordt afgevoerd, dat er steeds meer verschillende kruiden op de velden groeien wat weer goed is voor de diversiteit. Ook de das is nog steeds erg actief, we zien sporen over het hele terrein. En zo blijven we iedere dag aan het werk om dit natuurgebied tot een nog mooiere plek te maken.”